Posted 23/10/2015 by Donnie Darko in Columns
 
 

Donnie Darko’s Horror Digest: Guillermo del Toro


Naar aanleiding van de release van Crimson Peak, het nieuwste meesterwerk van Guillermo del Toro, brengt Donnie Darko jullie een heel speciale editie van zijn Horror Digest column. Donnie herbekeek alle films van de Mexicaanse regisseur en schreef voor elk van hen zijn bevindingen op. Enjoy!

CRONOS (1993)

Het is haast niet te geloven dat het hier om een debuutfilm gaat van een 28-jarige regisseur. In anderhalf uur zit meteen het volledige universum en alle fetisjen (horlogewerk en de symboliek die daar achter zit, religie, insecten, biohorror,…) van Guillermo del Toro vervat, een universum dat enkel als romantisch omschreven kan worden. Romantiek zoals we die kennen uit de 19de eeuw welteverstaan. Men moet maar naar het hoofdpersonage Jesus kijken om dat te verstaan. Jesus is dat typische tragische monster dat in elk van ‘s mans films zit en die er ook altijd het hart van uitmaken.

Jesus’s tijd op deze aarde komt merkbaar aan zijn einde tot hij op een dag een instrument ontdekt dat hem vitaler maakt, maar ook doet verlangen naar bloed. Bovendien is er een rijke industrieel die ook op zoek is naar dat instrument. Vampieren hebben altijd al symbool gestaan voor het ongebreidelde in de menselijke natuur, maar bij del Toro ligt dat enigszins anders. Bij hem staat het eerder symbool voor verslaving en het effect dat dat heeft op de mensen rondom hem. In Cronos wordt vooral gefocust op de relatie tussen Jesus en zijn kleindochter Aurora die rechtstreeks is gebaseerd op die van del Toro en zijn grootmoeder. Twee personen die elkaar aanvaarden voor wie ze zijn en waartussen de liefde iets tastbaar krijgt.

Passie is wat de cinema van del Toro (en anderen zoals Quentin Tarantino) typeert, passie voor het medium, passie voor zijn personages. Het is onmogelijk om een film van de Mexicaan slecht te vinden, hij gooit zoveel van zichzelf in een film, geeft zichzelf zo bloot dat het onmogelijk is om niet onder de invloed te zijn van de charme van zijn werk. Een film van del Toro afbreken voelt aan als het misbruiken van een kind: onmenselijk en de enige misdaad waar de dood van de dader de enige mogelijke straf is.

Het laatste wat opvalt in het licht van zijn latere films is hoe loyaal del Toro omgaat met zijn medewerkers. Ron Perlman kreeg hier reeds een grote rol en, zoals iedereen weet, verkocht del Toro Perlman later als Hellboy aan de studio. Frederico Luppi keerde terug in El Espinazo Del Diablo en cinematograaf Guillermo Navarro schoot bijna elke film van de Mexicaan.

3,5

cronos

MIMIC (1997)

Zeggen dat del Toro een moeilijke tijd (reeds vanaf het scriptstadium) had tijdens het maken van Mimic is een understatement van jewelste. Hij had namelijk evenveel plezier als David Fincher tijdens de opnames van Alien 3.

De parallellen tussen de twee filmmakers en hun films houden daar zelfs niet op, want ze besloten allebei om nooit meer in eenzelfde situatie terecht te komen. Voor del Toro in het bijzonder zou het er toe leiden dat hij nooit meer wilde samenwerken met de Weinsteins (zo lopen er veel regisseurs rond) en hij zou ook nooit meer toelaten dat er een (onafhankelijke) 2nd unit aan zijn films te pas zou komen. Elk beeld dat gefilmd zou worden, moest van hem komen en van hem alleen. Eigenlijk is Mimic dus verantwoordelijk voor de keuzes die del Toro later maakte en het gaf rechtstreeks aanleiding tot het oeuvre dat we kennen. Als je niet van zijn films houdt dan neemt hij daar de verantwoordelijkheid voor, aangezien alles uit zijn brein voortkomt.

Ik heb nooit de oorspronkelijke versie van Mimic gezien, dus ik kan dan ook niet getuigen over de clusterfuck waar iedereen over spreekt, maar de director’s cut die jaren later uitkwam, is een goede film die enkele heel erg leuke gross-out scènes bevat (ik haat insecten). Hij haalt zeker het niveau van del Toro’s andere werk niet , maar op visueel vlak kan niemand ontkennen dat dit overduidelijk zijn film is. Thematisch hoor je echter enkel in de eerste akte de echo’s van de regisseur zelf en van wat de film had kunnen zijn. Wat del Toro oorspronkelijk wou, was een verhaal vertellen over hoe de mensheid aan het einde van de rit was gekomen en het nu de beurt was aan een ander soort wezen (het oorspronkelijke einde van de film, dat het scriptstadium niet overleefde, zou dan ook rechtstreeks verwijzen naar Invasion of the Body Snatchers). Wat de film uiteindelijk is geworden, is niets meer dan een zoveelste variatie op het Frankenstein verhaal dat zeker in zijn 2de en 3de akte heel erg routineus verloopt. En toch… Bij momenten zijn er vlagen van het genie van del Toro die naar boven komen en nooit heeft de film een gebrek aan die sfeer die zo uniek is aan ‘s mans films. Het is alleen spijtig dat zijn obsessies niet in de film zitten door het gemoei van onwetende producers. Wat vele critici namelijk vergeten is dat het die obsessies zijn die telkens het belangrijkste zijn in de films van del Toro. Het draait niet om het verhaal per se, maar sfeer en symboliek, de zaken die de herbekijkfactor van gans zijn werk zo hoog maakt en zo veel diepgang geeft.

Wat overblijft van Mimic is een meer dan genietbare B-film die veel meer had kunnen zijn, maar toch nog een interessante stap betekent in de carrière van één van onze grootste regisseurs.

3

7266585233

EL ESPINAZO DEL DIABLO (2001) /EL LABERINTO DEL FAUNO (2006)

Que es un fantasma? Dat is de vraag die Guillermo del Toro zich stelt in El Espinazo del Diablo en het antwoord is niet dat uit de standaard Hollywood horrorfilm. Hij belicht hier vooral de tragiek van de spoken, ze zijn het gevolg van de de dingen die mensen elkaar aandoen. De spectrale wezens zijn ook maar een voetnoot in wat als de eerste échte film van del Toro kan beschouwd worden. Hier perfectioneerde hij zijn credo ‘form is content‘ (zie Pacific Rim voor meer uitleg).

Ondanks de ongekende schoonheid van de film, zijn het hier de personages die de show stelen. Allemaal zijn het getormenteerde karakters die worstelen met hun emoties en vooral het feit dat ze die niet kunnen overbrengen aan anderen. Dr Casares, de theoreticus die nooit echt tot actie kan overgaan, impotent tot het einde en op meer dan één manier. Het object van zijn obsessie is Carmen, de directrice van het weeshuis, die wel houdt van Casares, maar liefde blijkt niet genoeg voor haar. Haar minnaar is Jacinto die ze juist gebruikt voor haar vleselijk genot (hij mag haar bijvoorbeeld niet kussen). Jacinto is de representatie van het fascisme in de film, de volwassen persoon die opgegroeid is zonder liefde en grenzen waardoor hij een intense haat en minachting cultiveert voor iedereen rondom hem. De prins zonder koninkrijk, zoals Carmen het zo mooi zegt, en de enige persoon die echt alleen staat.

Via de kinderen brengt del Toro heel wat autobiografische elementen in de film. Voor del Toro is opgroeien lijden en, volwassenen lijken dat te vergeten, een complex proces waarbij het ontsnappen in de verbeelding soms de enige manier is om de pijn te verzachten. Het is dan ook geen toeval dat Carlos een schrijver is en Jaime een tekenaar, ook in del Toro’s andere meer persoonlijke films (El Laberinto Del Fauno en Crimson Peak) zijn de hoofdpersonage creatievelingen die in het imaginaire vluchten. Iets wat del Toro ook doorheeft is dat kinderen niet onschuldig zijn, maar puur. Ze zijn vrij van grenzen (Jacinto trok dit door in volwassenheid), vrij van moraliteit en etiek. Dat maakt kinderen zo intrigerend en ook angstaanjagend, iets wat in de film heel erg duidelijk naar voren komt.

Als totaal pakket maken de personages en hun psychologisch profiel en de brutale verwikkelingen die het verhaal vormen van El Espinazo del Diablo een pijnlijke ervaring.

El Laberinto del Fauno is een zo mogelijk nog moeilijkere film om naar te kijken… Niet alleen omwille van oppervlakkige cosmetische redenen, maar vooral om de boodschap die er uit te halen valt. De enige echte manier om te ontsnappen aan het lijden waaruit het leven bestaat, lijkt del Toro te zeggen, is door de dood… Of misschien is er nog een andere interpretatie mogelijk. Eigen blijven aan jezelf overstijgt leven of dood. Jezelf nooit verraden, hoe moeilijk dat ook is, zal de sleutel blijken tot echte onsterfelijkheid.

Die laatste lezing is alleszins degene die del Toro en zijn medewerkers ter harte namen tijdens de productie van de film. Omwille van vele praktische problemen op de locatie waar gefilmd werd, stegen de kosten van de post-productie navenant. De regisseur en zijn producenten wilden echter hun visie en hun geloof in de film niet compromitteren en besloten om hun gages weg te wuiven en verder te investeren in de film. Een risico dat loonde, want niet alleen is Laberinto een creatieve triomf (niet echt verrassend), de film resoneerde ook bij zijn publiek. Werkelijk iedereen viel voor een verhaal dat alleen maar uit de ziel van een getormenteerde persoon kan komen. Dat de regisseur niet de meest vrolijke persoon ter wereld is, werd al duidelijk uit zijn andere films (ook zijn blockbusters), maar hier is de donkerte toch wel van een heel erg ander niveau. Ook al laat del Toro nog enigszins in het midden of de meer fantastische scenes ‘echt’ zijn of niet, als kijker kan je niet anders dan geloven in een mooiere wereld. Al was het maar om de pijn die Ofelia moet doorstaan wat te verzachten.

EL ESPINAZO DEL DIABLO4

EL LABERINTO DEL FAUNO4,5

producciones-guillrmo-del-toro_foto-12-0a3126ce-804e-102e-a30c-0019b9d5c8df copy

BLADE II (2002)

Een kleine bekentenis… Ik ben niet zo’n grote fan van de eerste Blade (en ook niet van de derde, maar die haat iedereen). Toch was die film één van de grote redenen waarom ik zo uitkeek naar de sequel. Paradoxaal, niet? Het valt nochtans perfect te verklaren, want de tweede Blade is van zo’n hoog niveau dat ik retro-actief de film van Stephen Norrington begon te haten.

Blade II lijkt gefilmd te zijn door een technisch heel begaafde 13-jarige jongen die kirt van plezier achter zijn monitor en dat enthousiasme voel je doorheen de film. Bovendien bevat Blade II één van de beste representaties (/variaties) van (/op) een vampier ooit. De Reapers zijn het meest geniale dat ooit in dat genre werd uitgevonden en ook daarbuiten. Enkel de monsters uit The Thing (de John Carpenter versie) en Alien(s) overtreffen wat del Toro hier deed.

Ook alle obsessies van de Mexicaanse regisseur komen weer naar boven, vader-zoon relaties in het bijzonder. In welke andere zogenaamde banale actiefilm vind je zo’n tragische figuur als Jared Nomak, uitgespuwd door zijn vader verandert zijn liefde in haat die de vader het leven zal kosten. Aan de andere kant heb je in Blade een zoon die er alles aan doet om zijn surrogaatvader terug te vinden en terug tot leven te brengen. Blade en Whistler zijn niets anders dan de antithese van Nomak en Damaskinos, als groep en als individu. Meer specifiek kan je Blade en Nomak zien als broers. Beiden zijn ze speciaal en daardoor outsiders, twee kanten van dezelfde medaille. Het geeft hun gevecht op het einde van de film een emotionele lading die de geforceerde sentimentaliteit van menig andere blockbuster mist.

De volgende keer dat je beschimpt wordt omdat je Blade II een meesterwerk vindt, weet je wat te zeggen.

4blade-ii-reaper-mouth

HELLBOY (2004) / HELLBOY II (2008)

Mocht het nog niet duidelijk zijn na alles wat voorafkwam: del Toro legt zijn ziel bloot met elke film die hij maakt. Waar je vaak het raden hebt hoe een regisseur als mens in elkaar zit (niet dat dat nodig is om een film goed te vinden), gooit de Mexicaan zich volledig in wat hij doet. Dat is de reden waarom ik niets dan sympathie voel voor de man, maar meteen ook waarom hij zo vaak de grond wordt ingeboord. Del Toro is de jongen op de speelplaats die te gevoelig is voor zijn eigen goed. Dat voel je als geen ander in Hellboy, waar het hoofdpersonage een substituut is voor de regisseur. Vergis je niet, ondanks de aanwezigheid van dat non-figuur Agent Myers (compromis met de studio) draait alles rond Hellboy (magnifiek gespeeld door Ron Perlman) en zijn innerlijke strijd over wie hij is en wie hij denkt dat andere mensen willen/vrezen dat hij wordt. Hierbij gaat het meer specifiek over zijn surrogaatvader Dr. Broom en de liefde van Hellboy’s leven, Liz Sherman (die ook al in de knoop ligt met zichzelf). Je merkt het, ondanks het feit dat dit één van de blockbusters uit del Toro’s carrière zou moeten zijn, is het een heel emotionele film. Ja, er is veel en heel goeie actie, maar de kern van het verhaal draait rond de relaties (kijk maar naar de scene waar Hellboy Myers en Liz volgt op hun avondje uit, ongezien lang voor een blockbuster) en ook om keuze, de daad die bepaalt of je mens of monster bent. Hellboy voelt de druk van een eeuwenoude profetie op zijn schouders rusten, maar zegt ‘fuck it, ik beslis wie ik ben.’ De eerste film blijft het meest trouw aan het universum dat Mike Mignola gecreëerd heeft, maar del Toro maakt het zich toch eigen.

Niet zo compleet als in het tweede deel echter. In deze film gaan de regisseur en zijn team van mad FX scientists compleet loos. Tot groot genoegen van de kijker, dat spreekt vanzelf. Zo kan je je ogen de kost geven tijdens de troll market scene die nog glorieuzer is dan de Mos Eisley Cantina scene in Star Wars. Dit gaat dan over in het gevecht met het flora-monster dat heel wat meer is dan een actiescene, maar nog maar eens de liefde en de empathie toont die del Toro heeft voor monsters, hun tragische bestaan en de onverdraagzaamheid van de mensheid. De bravourestukken blijven elkaar opvolgen en telkens koppelt del Toro het sensationele aan het emotionele. Dat maakt van Hellboy II nog altijd één van de beste blockbusters aller tijden.

Recent probeerde Ron Perlman nog enthousiasme op te wekken voor het sluitstuk van de trilogie, maar de kans dat die er komt is heel klein. Het nodige budget ligt veel te hoog (120 miljoen) voor een franchise die vooral via de dvd en blu-ray verkoop zijn geld terugverdiende. Met het ineenstorten van die markt lijkt het heel onzeker dat er ook maar één studio is die het risico wil lopen zich te verbranden aan del Toro’s en Perlman’s droom. Op zo’n momenten haat ik de wereld waarin we leven…

HELLBOY3,5

HELLBOY II4,5hero_EB20040402REVIEWS404020301AR copy

producciones-guillrmo-del-toro_foto-12-0a3126ce-804e-102e-a30c-0019b9d5c8df

PACIFIC RIM (2013)

Er zijn twee punten die belangrijk zijn om te vermelden als het over del Toro’s meest succesvolle en ook meest bekritiseerde film van zijn carrière gaat. Eerst en vooral, dit is niet uitsluitend een homage, maar een verderzetting van het tokusatsu/kaiju genre en het mechagenre. Als tweede punt is het ook verfrissend om eens niet een soort origin of post-apocalyptisch verhaal te moeten bekijken. Het draait hier niet om een eerste aanval of om gebeurtenissen na de val: we bevinden ons in een wereld die reeds zeer bekend is met deze wezens en die eigenlijk de ondergang al heeft ingezet.

Het geeft del Toro ook de kans om op een meer expliciete manier zijn world building talent ten toon te spreiden: alles is tot in de kleinste details uitgewerkt. De Mexicaan heeft immers heel goed door dat het microniveau je doet geloven in de macrowereld. Net zoals het geval was voor Star Wars of Alien speelt Pacific Rim zich af in een Used World, alles ziet er ‘gebruikt’ uit en niet minty Apple fresh. Waar veel sci-fi eruit ziet als een autoreclame of een rekruteringsvideo voor het leger, komt de wereld van Pacific Rim heel erg realistisch over: je moet geen enkele moeite doen om je temidden de actie en de personages te voelen. Realistisch moet je hier zien in het kader van de interne logica van de film uiteraard, een film die hij zelf benoemt als Gothic Tech sci-fi.

Pacific Rim is ook zoveel meer dan de orgie aan eye candy die het als stempel opgeplakt kreeg. De regisseur spreekt zelf eerder van eye protein, omdat de beelden die hij op het scherm tovert er niet alleen goed uitzien, maar ook het verhaal voeden en het een structuur en ritme geven. De mantra van del Toro is altijd ‘form is content‘, het formele aspect van een film is inhoud. Dat zie je niet alleen in de world building, maar ook in de personages die hij opvoert. Neen, die zijn niet psychologisch complex, het is immers geen sociaal drama, maar het zijn ook allesbehalve karikaturen. Het zijn archetypes die textuur, diepgang en een emotioneel leven krijgen door subtiele audio-visuele cues, door kleine handelingen die ze uitvoeren. Ook hier informeert het kleine het grote. Het is een aanpak die je in alle films van del Toro kan ontwaren.

Pacific Rim is dus allesbehalve de dwaze en slordige actioner à la Transformers waar hij voor versleten wordt. Pacific Rim is pure cinema met een structuur die staat als gewapend beton, gemaakt door een meesterfilmmaker.

4

maxresdefault-3

CRIMSON PEAK (2015)

Het zegt veel over hoe blasé wij geworden zijn als publiek en bij uitbreiding als mensheid als we dingen uitspuwen omdat het niet voldoet aan onze overdreven hoge verwachtingen. De meest gehoorde kritiek terwijl ik aan het luisteren was naar de commentaren van de mensen rondom mij waren “het was niet angstaanjagend genoeg” (it’s not supposed to be) en ” ‘t was nogal voorspelbaar”.

Kijk, laten we eerlijk zijn, als je één verhaal met spoken gezien hebt dan heb je ze allemaal gezien. Het draait niet om het mechanische van het verhaal in elkaar zit (ga dan kijken naar Midsomer Murders of Poirot, verdomde onnozelaar), maar om hoe het verteld wordt, hoe dat ons als publiek informeert over de personages en wat de onderliggende thema’s van de film zijn. Zelfs als je al die subtekst wil vergeten, of er van overtuigd ben dat die er niet is (zucht…), dan nog zegt het veel over een publiek als ze niet onmetelijk onder de indruk zijn van de pracht van de beelden die del Toro op het scherm tovert. De bebaarde Mexicaan is een unicum en niet alleen in deze tijden. Hij vervoerde mij, deed mij snotteren omdat ik getuige mocht zijn van zoveel schoonheid en creativiteit op het grote scherm. Het is niet de eerste keer dat hij het deed (zie El Espinazo del Diablo en El Laberinto del Fauno, beide zusterfilms van Crimson Peak), maar hier bereikt hij wel zijn hoogtepunt. Alles klikte, voor het eerst werd ontegensprekelijk duidelijk dat del Toro in het verkeerde tijdperk geboren werd. Crimson Peak lijkt wel een film die ons uit de 19de eeuw werd toegezonden.

Of misschien ligt het gewoon aan het feit dat ik in deze film het sterkst een soort broederschap voel met de man. Verenigd in de romantiek die onze zielen delen. Stiekem koester ik ook nog steeds de hoop dat At The Mountains of Madness nog steeds door hem gemaakt zal worden. Het openingsweekend van Crimson Peak aan de Amerikaanse box office doet mij echter vermoeden dat del Toro misschien nog minder kansen zal krijgen dan nu om de films te maken die hij wil… Had ik 1 miljard dan gaf ik del Toro wat hij nodig had om zijn visie te realiseren.

4,5

Crimson-Peak-Tom-Mia

Wil je nog meer info over Guillermo del Toro’s films, luister dan zeker naar de uiterst interessante audiocommentaren die de man steeds inspreekt voor de DVD/BR releases van zijn films.

Crimson Peak speelt nu in de zalen en wij raden jullie ten stelligste aan om die te gaan bekijken.

Comments

comments


Donnie Darko

 
avatar
Grr. Arghh!