3
Posted 05/11/2012 by de baard van alan moore in Comics
 
 

25 jaar geleden: Spider-Man – Kraven’s Last Hunt


PROLOOG

Sommige verhalen hebben een lange aanlooptijd nodig. Het verhaal waar dit stuk over gaat werd in 1984 voor het eerst voorgesteld door schrijver J.M. DeMatteis (Justice League International, Defenders) bij Marvel. Het was een niemendalletje waarin Wonderman de hoofdrol zou spelen. Hij zou een half jaar van het toneel verdwijnen terwijl zijn broer, de Grim Reaper, dacht dat hij dood was. Tegen het einde duikt hij weer op en zou er een verplichte knokpartij zijn. De pitch werd afgewezen. DeMatteis probeerde het nog een keer bij DC. Het werd nu een verhaal rond Batman. In deze variant denkt The Joker dat hij Batman heeft vermoord. Door de schok herwint hij zijn verstand. Hij leeft een normaal leven totdat Batman uit het graf verrijst en The Joker weer zijn oude gestoorde zelf wordt. Goed verhaal toch? Het werd weer afgewezen omdat DC samen met een zekere Alan Moore bezig was aan een comic getiteld The Killing Joke. Een jaar later probeerde DeMatteis het wederom. Hij verving The Joker door Hugo Strange. En weer ving hij bot. Niet lang daarna werd hij door Marvel benaderd om The Spectacular Spider-Man te gaan schrijven. Er klonk een harde tik in de schedel van DeMatteis en hij deed wederom zijn pitch.  In het jaar 1987 leerden Amerikaanse lezers hoe Spider-Man ook kon zijn. In oktober van dat jaar werd er een crossover op de nietsvermoedende lezertjes losgelaten. De drie Spideyseries die toen liepen (Web of Spider-Man, Spectacular Spider-Man, Amazing Spider-Man) werden het toneel voor Kraven’s Last Hunt (ook wel bekend onder de oorspronkelijke titel Fearful Symmetry).  Als tekenaar had men Mike Zeck (Captain America, Secret Wars) aangetrokken en het verhaal speelde zich af doorheen Web of Spider-Man #31-32, The Amazing Spider-Man #293-294 en The Spectacular Spider-Man #131-132.

Een van Spider-Man zijn meest kitscherige vijanden, Kraven the Hunter, ontpopt zich in deze crossover tot een tegenstander van formaat. Na jaren van vernederingen heeft zijn geestelijke gezondheid het definitief begeven. Kraven is stapelgek. Toch is hij in staat om een laatste plan te bedenken. Een ultieme poging ,zo je wil, om te bewijzen dat hij superieur is aan Spider-Man.

Klinkt bekend toch? Terecht. Maar het zou net even iets anders verlopen dan verwacht. Stel je voor, het zijn de latere jaren 80. Er is nog geen internet. Je besteedt je geld niet aan Marvel Age, het fanzine van Marvel Comics, en dan sla je Web of Spider-Man #31 – het eerste deel van het verhaal – nietsvermoedend open. Een nieuw verhaal begint. De gedachten van de Kraven en Spider-Man lees je keurig uitgelijnd in de tekstkadertjes. Het eerste wat je opvalt is dat het zo duister is. Komt het door het grauwe weer? Je weet het niet. Je gaat verder. Er is een begrafenis van een gangster. Iets goedkoops, in een afgelegen barretje is er een wake voor iemand die aan de aarde wordt toevertrouwd. Een schooier die bij geboorte al verdoemd was tot een leven in de marge. Spider-Man doneert wat geld voor een kist.

Hij vervolgt zijn weg, waarbij hij wordt aangevallen door Kraven. Er volgt een gevecht met een ongebruikelijke afloop. Spidey wordt geraakt door een pijltje met vergif en wordt neergeschoten door Kraven… Is dit het einde van de webspinner? Lezers werden gek!

Na deze traumatische gebeurtenis ontspon er een verhaal dat 25 jaar na dato nog altijd het meest duistere, lugubere Spider-Man-verhaal ooit is. Hoewel de banden met de lopende continuïteit van dat moment allerminst overboord werden gegooid waande je jezelf even in een andere wereld. Kraven nam de identiteit van Spider-Man aan en startte een éénmansoorlog tegen het tuig dat in de nachtelijke uren de straten van New York bevolkte. Er is ook wat anders dat door de straten van New York ronddoolt. Een wezen met een voorliefde voor mensenvlees: Vermin. Tekenaar Zeck brengt het niet in beeld, maar Vermin eet echt mensen. Voor zijn slachtoffers is er geen redding. Spider-Man? Voor hem is er twee weken lang niets anders dan een koud graf.

En dan de  innerlijke monologen. Iedereen praat tegen zichzelf. De meest onschuldige monologen komen van de overige castleden. Mary Jane, op dat moment de vrouw van Spider-Man, en de mensen van de Daily Bugle die zich zorgen maken om Peter Parker. Waar is hij gebleven? Kraven, die vooral praat over zijn rivaal die hij wenst te breken en natuurlijk zijn moeder. Een vrouw over wie de mensen zeiden dat ze gek was. Natuurlijk is daar ook Spider-Man die wordt beïnvloed door het gif en raaskalt.

Natuurlijk verraad ik niets wanneer ik zeg dat Spider-Man zich uiteindelijk uit zijn graf bevrijdt. Het feit dat er vandaag de dag nog steeds Spider-Man-comics zijn is hier voldoende bewijs voor. Er is ook een laatste confrontatie met Kraven en Vermin. Maar de winnaar van dit alles? Het zou inderdaad weleens Kraven zelf kunnen zijn.

IMPACT

De jonge lezer naar wie ik indirect verwijs in het begin van dit stuk was ikzelf. Mijn achtjarige ik beheerste het Engels nog niet. En net als alle andere Nederlandstalige lezers werd ik pas in 1988 getrakteerd op dit verhaal. (Zie ook deze verwijzing van collega Axel). Het was een bizarre ervaring voor mijn tere kinderbrein. Hier gebeurden serieuze dingen. Hoewel ik de diepere laag van het verhaal pas zou ontdekken op latere leeftijd besefte ik wel dat dit iets heel bijzonders was. Grote mensen zaken. En ik geef toe dat ik tot mijn tiende deze comics alleen overdag durfde open te slaan.

Veel lezers waren redelijk geschrokken van deze comic. DeMatteis werd verweten dat hij meedeed aan de trend van grim ‘n gritty-comics die op dat moment zijn intrede deed. Deze trend van duister wordende comics, werd grotendeels geïnspireerd door het succes van Watchmen en The Dark Knight Returns in 1986. DeMatteis heeft dit echter altijd ontkend. Hij was immers al een paar jaar langer bezig met dit verhaal: “Mensen die zeggen dat het een duistere comic is hebben het verhaal niet goed gelezen. Spider-Man zakt aan het begin van deze crossover af in de duisternis, maar gedurende het verhaal vecht hij zich letterlijk terug naar het licht. Bovendien staat dit hele opgavemodel voor de levensfase waarin ik me toen bevond. Met Kraven’s Last Hunt schreef ik mijn eigen problemen van me af.”

Voor Mike Zeck was het stiekem een afsluiter van zijn comicscarrière. Nadien heeft ie eigenlijk geen grote reeksen meer getekend. De cover waar Spider-Man verrijst uit het graf is een klassieker en heeft terecht een plekje in de lijst van de beste Spideycovers aller tijden. Zeck tekent tegenwoordig vooral commissies en productiewerk voor Marvel en DC.

EPILOOG

Mike Zeck en J.M DeMatteis zouden in 1992 terugkeren naar dit verhaal. In een 48 pagina’s tellende graphic novel getiteld Soul of the Hunter komt Spider-Man weer tegenover Kraven te staan. Hij deelt vanwege het vorige avontuur een spirituele band met Kraven. Als hij het lichaam van de jager verslaat dan zal zijn ziel rust vinden. Het was geen echt sterk verhaal. Je zou het mogen zien als een goedmakertje richting een groep fans die nogal ontdaan was over het einde van Kraven’s Last Hunt.

In 1994 gebruikte DeMatteis dit verhaal ook als fundament voor een verhaallijn waarin Spider-Man wraak nam op Kraven zijn halfbroer, de Chameleon. Maar laten we het niet over dit verhaal hebben. Dat is maar beter ook. In 1996 keerde de schrijver terug naar de oorsprong van Kraven in Kraven’s First Hunt. Deze titel werd later ook gebruikt voor een verhaallijn waarin Spidey te maken kreeg met de tienerdochter van Kraven en wat later zijn ganse familie in de Grim Hunt-saga.

Kraven’s Last Hunt blijft echter een absolute aanrader. Ook 25 jaar na dato is het nog steeds het lezen waard. Heb je geld over en zoek je een leuke comic? Waarom zou je het niet proberen?

Spider-Man: Kraven’s Last Hunt bij Archonia.com

Comments

comments


de baard van alan moore

 
avatar