3
Posted 04/12/2011 by Arno in Comics
 
 

Batman Live in Antwerpen – de review

Na lang twijfelen besloot deze Brainfreezer gisteren toch maar richting de derde en voorlaatste Belgische voorstelling te trekken van de Batman Live – World Arena Tour, die tussen 2 en 4 december halt hield in het Antwerpse Sportpaleis. De reden voor mijn twijfel was simpel: de show was bestemd voor “alle leeftijden” en meestal betekent dit in feite gewoonweg “geschikt voor de allerkleinsten”. Ook wist ik niet wat te verwachten van de mij vrij moeilijk combineerbaar lijkende Engelse dialogen/Vlaamse verteller. Ja, ik heb indertijd ook nog Batmanstrips in het Nederlands gelezen (met dank aan Baldakijn Boeken), maar nu hoef ik termen als “duistere ridder”, “Batgrot” en “vogelschrik” echt niet meer te horen. Een voorgaande show van min of meer dit kaliber (Walking with Dinosaurs, ook in het Sportpaleis) was best wel indrukwekkend, tot de presentator iets teveel zijn mond opentrok naar de allerkleinsten gericht. Daar draaide het echter enkel om naar gigantische beesten op te kijken, maar bij Batman Live wordt er een heel verhaal verteld!

Met een tas vol comics (geen enkel bezoek aan Antwerpen is immers compleet zonder een tripje naar de Mekanik Strip en het Comics Kaffee), plaatste ik me in de Gotham City seats vlak naast het podium. Dicht genoeg om besprenkeld te worden met Bat-confetti (ja, er bestaat zoiets als Bat-confetti!). Het Sportpaleis leek me nauwelijks half gevuld, en uiteraard spotte ik heel wat jonge, enthousiaste kinderen en hun iets minder enthousiaste ouders in mijn nabije omgeving. Na de intro van verteller Stany Crets (Raf & Ronny, Debbie & Nancy) werd ik toch al iets geruster gesteld. Hij vertelde immers dat hij wel het één en het ander aan elkaar zou praten wanneer er stukken van de set worden omgewisseld, maar dat alle dialogen in het Engels blijven en van ondertitels worden voorzien op het gigantische, naar het Bat-symbool gemodelleerde televisiescherm. Een leuke touch was ook dat de ondertitels verschenen in caption boxes, net zoals in een comic. Crets hield ook zijn woord dat hij er niet veel langer dan een minuutje over zou doen om elk stuk aan elkaar te praten en, inderdaad, tegen het einde van de show viel het me nauwelijks nog op dat zijn stem af en toe door de PA weergalmde.

Het verhaal:

De show opende met de welbekende origine van DC’s Dark Knight. Ook al zagen we de ouders van de jonge Bruce Wayne niet bepaald live neergeknald worden door Joe Chill, waren toch alle ingrediënten aanwezig die één van meeste gekende oorsprongsverhalen ter wereld zo pakkend maken. Niet lang hierna werden we op een tweede origine, namelijk deze van de jonge circusacrobaat Dick Grayson die – in een verwrongen herhaling van deze van Wayne – ook zijn beide ouders voor zijn ogen ziet sterven, ditmaal tijdens hun acrobatenshow. Grayson wordt door politiecommissaris Gordon in de zorg van Bruce en diens butler Alfred Pennyworth geplaatst, maar zweert wraak op de moordenaar van zijn ouders (de boef Tony Zucco, die in deze versie uiteindelijk voor niemand minder dan The Joker blijkt te werken).

Batman verijdelt ondertussen een roof van Catwoman in het Gotham City Museum, en komt op het spoor van Zucco terecht. Dit brengt hem tot de Iceberg Lounge, de gentleman’s club van The Penguin, waar toevallig ook The Riddler, Two-Face en Catwoman zelf verzeild geraakten. Hierna dient hij alweer naar Haley’s Circus te trekken, waar een inmiddels uit Wayne Manor ontsnapte Dick Grayson gevangen werd genomen door The Joker en Harley Quinn. Zoals vaak het geval is bij grootschalige Batmanverhalen, leiden alle wegen uiteindelijk naar Arkham Asylum. Hier is dit niet anders, en worden we meteen ook voorgesteld tot de Scarecrow en Poison Ivy en zien we natuurlijk Dick Grayson zijn debuut maken als Batman’s sidekick Robin.

Het hoofdverhaal is dus de origine van Robin. Dit betekent dat de show voornamelijk haar inspiratie haalt uit recentere vertellingen van dit verhaal zoals ondermeer Batman: Dark Victory (de sequel op The Long Halloween uit 1999-2000) alsook de film Batman: Forever (1995). Aan deze laatste deed de productie me in feite het meeste denken, want – hoewel er uiteraard zeer donkere thema’s in de Batman-mythos te vinden zijn – krijgen we deze hier verpakt in een vrij licht, theatraal en ja, vrij campy, jasje (het blijft immers een show voor “alle leeftijden”).

Desalniettemin was ik zeker te vinden voor de moraal van het verhaal: Batman die zijn jonge partner leert dat woede en verlies kanaliseren in gerechtigheid het altijd zal halen van koelbloedige wraak. Zo heb ik mijn Batman (en Robin) het liefst. Grim ‘n gritty realism mag zeker en vast, maar dan wel als een volwaardige, voor gerechtigheid strijdende superheld en niet als een psychisch getraumatiseerde, op wraak beluste vechtersbaas voorzien van een Clint Eastwood-stem (I’m looking at you, Mr. Miller!).

De productie:

Het podium was enorm, maar werd zeer miniem bezet zodat alle actievolle stunts zonder al te veel hinder konden plaatsvinden. Er werden maquettes van enkele bekende gebouwen uit Gotham City nagemaakt, maar de sfeer werd vooral gemaakt door het gigantische scherm op de achtergrond. Het scherm zette constant de plaats van de scène. Of het nu de skyline van Gotham City was (met bijpassende zeppelins), Haley’s Circus, de Iceberg Lounge, de gigantische ondergrondse Batcave of Wayne Manor zelf, alle locaties werden zeer mooi en herkenbaar weergegeven in een cel-shading-techniek. Op het scherm verscheen dus gewoon een grote comic, waarin het verplaatsen van locatie naar locatie dan ook werd weergegeven door het doorbladeren van pagina’s. Alle artwork werd – net zoals deze van het promotiemateriaal voor de show – gebaseerd op deze van Jim Lee (All-Star Batman & Robin, Batman: Hush). Een leuke aanwinst was ook dat er bij de comicbookscènes niet werd gekeken op ietwat meer bloederige taferelen. Hierbij kregen we wel de roofmoord op de Waynes te zien in een flashback, alsook het lijk van Tony Zucco (voorzien van een Joker-grijns).

Al was het gigantische scherm zeker één van de hoogtepunten, kregen we hierop ook één van de absolute dieptepunten te zien, namelijk de Batmobile die tegen een hoge snelheid van Wayne Manor naar Arkham Asylum doorheen de straten zoefde. Het rijgedrag van Batman liet al veel te wensen over, maar het geheel werd dan nog eens weergegeven in een stijl die me iets teveel deed denken aan een oude arcade racing game.

Enkele verdere hoogtepunten waren ongetwijfeld de scènes in Haley’s Circus (een stuntshow van dit kaliber leent zich immers zeer goed tot de acrobatische kunsten van The Flying Graysons, en later de Joker zijn sowieso al in het circus toebehorende insane clown posse), en deze in de Batcave zelf. Bij deze laatste kregen we natuurlijk een replica van de Batmobile te zien, en werd het gigantische scherm gebruikt als datgene voor de Batcomputer. Toch vond ik persoonlijk het meest indrukwekkende setpiece een gigantisch Joker-gezicht, waarbij de rol van zijn tanden en ogen vervuld werd door zijn bewegende bendeleden en tong werd gebruikt als rode loper!

Wanneer Batman later naar Arkham Asylum trekt, komt hij haast onmiddellijk in een prachtig afgebeelde nachtmerrie terecht, voorzien door niemand minder dan de Scarecrow (op stelten!). Tussen de verschillende, aan kettingen omhoog gehangen, inmates werd de Batman geconfronteerd met het angstgas van Jonathan Crane. Hierna werden de deuren op het scherm gebarricadeerd door levende plantwortels, en was het de beurt aan Poison Ivy om haar giftige charmes tentoon te stellen.

De personages:

Vermits Batman in een wereld opereert van de ene theatrale schurk na de andere, paste dit in feite zeer goed bij een stuntshow zoals deze. Vooral de acteurs die The Joker en Harley Quinn speelden, en zowat de grootste rol kregen in de productie, konden zich enorm uitleven. De meeste acteurs waren Britten, wat ons een Joker met een Brits accent opleverde. Al leek dit aanvankelijk vreemd voor diegenen onder ons die Mark Hamill (Batman: The Animated Series) gewend zijn in de rol, begon ik deze Joker meer en meer als een geschminkte Sid Vicious te zien. In feite wel een zeer passende figuur om de rol van Batman’s aartsvijand op te baseren (Heath Ledger deed immers deels hetzelfde). De actrice die Harley Quinn speelde deed dan weer haar uiterste best om de stem van Arleen Sorkin (Batman: The Animated Series) na te bootsen en slaagde hier grandioos in. Quinn en haar Mr. J waren ongetwijfeld de best weergegeven personages in de hele productie. De rol van de rest van de villains, waaronder de eveneens theatrale Penguin, Riddler en de misschien iets te karikaturale Two-Face, werd daarom terecht geminimaliseerd. Scarecrow was dan weer wel oprecht angstig en Poison Ivy kort maar krachtig.

Alfred Pennyworth en Bruce Wayne waren dan weer terecht zeer classy (denk Bruce Wayne als in her majesty’s secret service en je zit er in feite niet ver naast). Als het enige werkelijk Britse personage in de comics was het bij Alfred zeer moeilijk om iets fout te merken in de weergave van het personage. Verrassend was dat hier zonder omwegen werd gesteld dat Alfred diegene was die Bruce Wayne trainde tot de Batman (ja, de butler kan in de comics wel zijn mannetje staan en heeft de nodige training gehad, maar als werkelijke gevechtstrainer van Batman en Robin hebben we hem nog niet gezien. Misschien een voorbode voor zijn meer militaristische look in Batman: Earth One?).

Catwoman vond ik persoonlijk ietsje minder, maar ze verkreeg wel een mooie kleinere verhaallijn als diegene die Harley Quinn uit haar ongezonde relatie tot haar moordzuchtige “vriendje” wil redden. Dick Grayson/Robin was dan weer het ultieme identificatiepersonage. Net als hij werd ook het publiek in de wereld van Batman gestort, met alle “whoa’s” en “cool car, can I drive it?“-quotes vandien. Niet de versie van Dick Grayson die ik het liefste zie (dat is immers Nightwing), maar uiteindelijk wel onmisbaar voor het verhaal.

En dan komen we tot Batman zelf. Ook al was de acteur niet mis als Bruce Wayne, schoot hij als de Caped Crusader toch iets te kort. Hij paste zijn stem wel lichtjes aan onder het masker (en ging er niet los over zoals Christian Bale in de laatste twee films), maar klonk daarmee toch nog niet zoals Batman zou moeten klinken. Terwijl hij dan weer als een zeer capabele vechter werd opgedreven in de actiescènes in de Iceberg Lounge en Haley’s Circus, was er in de derde act hier nog nauwelijks iets van te merken. Hij werd amper na vijf minuten al neergehaald in Arkham Asylum, door schurken die hij ondertussen toch al gewoon zou moeten zijn (en nadat hij tegen Dick en Alfred in de grot zelfs verkondigde dat ie “voorbereid” was). Ja, deze zwakke Batman in de derde act diende om zowel Catwoman als Robin heroïsche momenten te geven, maar kwam hierdoor wel vrij ongeloofwaardig en bij momenten ineffectief over (op het einde van de show zien we hem zelfs even uit zijn lood geslagen en met een gigantische glimlach op zijn gezicht na een kus van you know who. Eigenlijk vrij out of character, maar dan weer wel één van grappigste momenten uit de hele show).

De gevechtsscènes waren spijtig genoeg niet voorzien van pijnlijke Arkham Citytakedowns en deden me meer denken aan de Batman-televisiereeks uit de jaren ’60 (ook al miste ik hierbij toch een “kapow!“-moment op het grote scherm, for old time’s sake). Bij momenten waren ze ook moeilijk te volgen dankzij het immens aantal volk op het podium. Toch waren de meeste hoogvliegende stunts (vooral de trapeze-act van de Flying Graysons) zeker de moeite waard om te zien, zelfs al zag je bij momenten duidelijk het wirework. De stunts en gevechten gaven ook weer wel een enorme meerwaarde aan de kostuums. Ook al zien de personages er ietwat silly uit, komen de gespierde Jim Lee-pakken van Batman en Robin wel degelijk tot hun recht wanneer ze in beweging zijn.

Het verdict:

Al bij al heb ik enorm genoten van Batman Live. Ja, het is soms te theatraal, springt te snel vooruit en wordt bij momenten vrij campy, maar is desalniettemin een enorm leuke belevenis met voldoende verwijzingen voor de fans van het Batman-universum (Barbara Gordon, Julie Madison en ook Vicki Vale, al werd haar naam verkeerdelijk gespeld in de vertaling). De show moest het wel vooral hebben van het gigantische scherm waarin de bekende locaties zeer mooi werden weergegeven, maar slaagde er hierdoor bij momenten echt wel in om je mee te trekken in de wereld van Gotham City. Het spektakel zelf had misschien iets beter geweest vanop een grotere afstand, want vanaf een zitje vlak naast het podium zag je iets te goed enkele draden en kostuumdetails (maar, het moet gezegd worden, weliswaar nog steeds geen Bat-nipples). De show kon in vele opzichten beter, maar uiteindelijk was het zeker de moeite voor zowel jonge als oudere Batmanfans. Al zal die eerste groep er waarschijnlijk toch ietsje meer van genoten hebben.

Comments

comments


Arno

 
avatar
I'm not locked in here with you. You're locked in here with me.