1
Posted 27/07/2011 by Gilles in Columns
 
 

Minck Oosterveer in Nieuw Amsterdam (deel 2)

Vorige week konden jullie al het eerste deel lezen van de column van Minck Oosterveer: Minck Oosterveer in Nieuw Amsterdam. Vandaag kunnen we jullie het tweede deel aanbieden van zijn reis naar de VS.

Enjoy!

Op maandag liep ik achter een bagagedrager, die mijn koffers op een karretje voort duwde vanuit de lift, het lege perron op waar mijn zilveren gestroomlijnde Amtrak-trein al op me stond te wachten. Als passagier met een gereserveerde plek mocht ik het eerst instappen en de beste plek uitzoeken en mijn bagage werd voor me in de trein gezet. Ik zag de torens van Philadelphia door het kleine treinraam verdwijnen… Ik was op weg naar New York… de stad waar ik altijd van had gedroomd. De stad waar mijn helden uit de jaren ’30 van de 20ste eeuw voor King Features hun daylies en hun sundaypages produceerden. De stad waar de Big Two hun kantoren hadden. En zodra ik daar was en Penn Station uitliep en een yellow cab aanriep was het mijn stad. In Philadelphia voelde ik me enigszins ontheemd… hier voelde ik me volledig thuis. Dit was Nieuw Amsterdam!

 

Mijn kamer in mijn hotel was nog niet klaar maar ik kon mijn bagage achterlaten. Het hotel staat midden in Manhattan, de 17th street bij 5th avenue, één van de aders van de Big Apple. Ik besloot te gaan lopen, 5th avenue downtown, richting the Battery waar ooit het echte Nieuw Amsterdam lag. Verdwalen in Manhattan is zo goed als onmogelijk, behalve in dat aller oudste stuk waar het grillige straten plan nog stamt uit de tijd van het Nederlandse fort. De rest van Manhattan is simpel.. de Avenues lopen van noord naar zuid… de Streets van oost naar west en ze hebben allemaal een nummer, hoewel sommigen later ook een naam hebben gekregen, zoals Avenue of the Americas… oftewel 6th avenue. Wat afwijkt is Broadway, die loopt schuin door alles heen en is er de oorzaak van dat er driehoekige gebouwen op onder andere Maddison Square en Times Square staan.

Ik liep naar beneden… langs gebouwen die ik  uit mijn boeken over de stad kon dromen, ik zag ze nu echt. Op Washington Square park kocht ik een hotdog bij een vendor als middageten. Het was zonnig en warm, Het was druk  en er zwommen mensen in de fontein, iemand speelde Saxofoon en ik zat op een bank te genieten van mijn middageten terwijl een kerel naast me marihuana en andere weeds aan me probeerde te slijten en vervolgens maar schoorvoetend vertrok toen ik ‘m vertelde dat ik dat in mijn eigen land kon krijgen zonder door de parkwachter die al argwanend onze kant op liep in de boeien te worden geslagen. Zodra de man weg was draaide de parkwachter, net als een politieagent, gewapend met stok en pistool en handboeien, zich om. Kennelijk kende hij de kruimel-dealer en wist hij dat hij iedere nieuwkomer op het plein aanklampte.

Na een uur besloot ik verder te gaan en liep vanaf het plein verder naar beneden, de Groenwijk in… of zoals het nu heet Greenwich Village, kortweg the Village, The Bohemian capital. The Village is als verwacht.. de lagere roodbruine huizen, de brownstones, trappetjes en hekjes, restaurantjes met veel Franse namen, eet- en afhaaltentjes en veel culture en art-shops.

De Village uit en steeds maar rechtdoor tot ik het Municipal building zag, een gigant uit 1914 in weddingcake style. Ik wist wat daarachter om de hoek lag en ik wist dat ik daarop wilde. Even later liep ik op de Broocklyn Bridge richting “Breukelen”, aan de andere kant naar beneden de wijk in en naar de rivier en had ik een magnifique uitzicht over de East River naar Manhattan. Later vertelde Joe Jusko, die een aantal jaren politieman in New York is geweest dat ik daar tien jaar geleden gegarandeerd was neergestoken en beroofd.

Op de terugweg kocht ik mijn avondeten bij een afhaal in de Village, een zeer goed gevulde gigantische wrap… Amerikaanse “te veel” en ondanks dat ik voor gezonde sla met turkey had gekozen ook veel te vet doordat ze er op zijn Amerikaans weinig olijfolie en mayonaise op hadden gedaan. Gelukkig had ik een koelkast op mijn kamer.

De volgende dag had ik twee afspraken, een bij een reclamebureau waar ik wel eens voor werkte. Ze hadden zich had gespecialiseerd in liefdadigheidsdoelen, iets wat in de VS vreemd genoeg big business is. Ze zaten op 5th ave uptown bij the 40h str…. een goed half uur lopen over Madisson square Park (waar ik uiteraard later mijn hotdog zou verwerken) en langs het Empire Statebuilding waar ik na mijn afspraak natuurlijk naar boven ben gegaan. Recht tegenover het Empire in the 33th street zit trouwens een van de betere comicshops van New York, Jim Hanley’s Universe. Je moet wel je tas inleveren voordat je voorbij de counter komt maar je kan er rustig snuffelen en de mensen achter de toonbank zijn behulpzaam en vriendelijk.

Die avond was mijn presentatie in MoCCA, het Museum of Cartoon and Comic Art, een klein sympathiek museum op de vierde verdieping van een pand aan Broadway south waar net een tentoonstelling van Will Eisner-originelen aan de gang was. Temidden van die orginelen, voor een select gezelschap, interviewde vormalig Marvel en Topps editor Jim Salicrup mij over mijn carrière in Europese comics en mijn plannen in de VS en deed ik een schets-presentatie waarbij ik Nicky Saxx in vol ornaat tekende wat Jim Salicrup deed uitroepen dat ik absoluut the Spirit zou moeten gaan tekenen omdat Saxx er volgens hem als een typische the Spirit-vamp uitzag. Uiteraard voelde ik me gevleid… zeker op een avond die zo ontspannen en prettig verliep terwijl we midden tussen al die Eisner-orginelen zaten. Ook onmoette ik hier voor het eerst Kenny… Ken Lopez, een staf-medewerker en letteraar van DC. Kenny woont in de 24th street was door mij agent aangewezen als degene die ik moest bellen als ik in moeilijkheden zou geraken in New York. Ook zou hij mij bij de volgende dag bij DC ontvangen en introduceren. Een echte New Yorker, en ik heb nooit iemand zangeriger en lijziger “Yeeeaaaaaahhhh” horen zeggen.We liepen samen naar huis en Kenny verbaasde zich er voortdurend over dat ik me al door de stad bewoog als een New Yorker en probleemloos in het Engels met hem converseerde hoewel ik daar zelf regelmatig anders over dacht. Amerikanen delen makkelijk complimenten uit al doen ze dat toch met een zekere oprechtheid.

De volgend dag was de dag dat ik the Big Two zou bezoeken. ‘s Ochtends om 11 uur Marvel en daarna zou ik Kenny bellen wanneer ik klaar was bij Marvel. Lopend naar the 50th street ter hoogte van 6th ave. Goed 45 minuten stappen maar lopen door New York bij goed weer kan ik iedereen aanraden… zelfs de New Yorkers zijn dat gewoon.

Bij Marvel kennis gemaakt met mij editor Steve Wacker en zijn assistente Ellie Pyle en vervolgens een gesprek gehad met talent-coördinator Bon Alimagno, waarbij de aandacht vooral naar mijn krantenwerk en de daarin tot uiting komende pulpy/noir style ging. Bon vond die stijl vooral passen bij series als de Black Panther. Ik heb maar voor me gehouden dat ik niet bepaald bekend was met de Black Panther. Ellie heeft me verder nog langs de hele staf geleid die allemaal in van die typische kleine Amerikaanse kamertjes zitten met in het midden zo’n stelsel van scheidingswanden waar dan de mindere goden hun plek hebben. Tom Brevoort had uiteraard een veel groter kantoor en terwijl ik in de deuropening stond en Ellie verteld wie ik was knikte de Chief vriendelijk glimlachend naar me… dat was het.

Binnenkort volgt het derde en laatste deel waarin Minck vertelt over zijn bezoek aan DC.

Comments

comments


Gilles

 
avatar